Dag 7 - Operatie Noah
Het afdammen van de Zambezi en het ontstaan van het meer noopten niet
alleen de bewoners te verhuizen maar het
impacteerde ook het leefgebied van duizenden dieren. Een grootschalige operatie
werd opgezet onder de naam ‘Operation Noah’, misschien niet bijster origineel ...
Na het afdammen van de rivier, rees het water gestaag in de loop der jaren. Het
water steeg, heuvels werden eilanden en de savanne verdronk in het meer. Bossen veranderden in versteende bomen. Bij
het plannen van de afdamming werd wel rekening gehouden met de verhuis van de
Tonga, maar de dieren anderzijds werden schaamtelijk over het hoofd gezien. Dieren probeerden zich te redden door zich naar hogergelegen gebieden te begeven, maar
kwamen dikwijls vast te zitten op deze pas gevormde eilanden. Daar vielen ze dan
ten prooi aan verhongering, aan aanwezige roofdieren of aan verdrinking. Toen
er veel media-aandacht uitging naar de bijzonder moeilijke situatie van de
dieren, werd eindelijk een plan uitgedacht, vier jaar na de voltooiing van de
dam. De overheid van zowel Zambia als Zimbabwe zette operatie Noah in werking. Met
behulp van de rangers van beide landen, spoorzoekers en een hele hoop
vrijwilligers uitgerust met kleine bootjes en netten waarin de dieren gevangen
konden worden, ging operatie Noah van start. De reddingsoperatie was natuurlijk
een complex en gevaarlijk gegeven en niet alle dieren konden gered worden. Zesduizend
exemplaren werden gered, maar vele duizenden meer stierven uiteindelijk. Onder
die geredde savannebewoners bevonden zich een kleine tweeduizend impala’s,
tweehonderd buffels, een toch wel bewonderenswaardige drieënveertig neushoorns,
drieëntwintig olifanten en een dozijn leeuwen. Sommige dieren waren iets eenvoudiger
te verhuizen dan anderen. Voor antilopesoorten ging dit nog vrij makkelijk,
neushoorns daarentegen moesten licht verdoofd worden om een verhuis enigszins
mogelijk te maken.
De nakomelingen van die geredde dieren uit de jaren vijftig en zestig
grazen en jagen vandaag de dag voor een
groot deel langs de oevers van het Kariba-meer. Tijdens onze cruise maken we
elke ochtend en avond een tochtje met de tenderboten om die ondiepere oevers en
inhammen van het meer te verkennen. Vooral aanwezig langs die oevers zijn de visarenden
die hier overvloedig aanwezig zijn, maar ook bijeneters en een grote
verscheidenheid aan ijsvogels. Het lijkt wel of elk mogelijke vogel die in
Afrika voorkomt, zich hier ophoudt. Een verloren gelopen zebra komt voorzichtig
van achter een struik piepen en hele kuddes impala’s, nog steeds de McDonalds
van de jungle, eten hun buikje vol met het groen, nu het regenseizoen al enkele
weken achter ons ligt. Voorzichtig sluipen ze naar het water voor een deugddoend
slokje. In het water zelf liggen de krokodillen zo waarlijk meesterlijk
gecamoufleerd. Hier en daar liggen hun uitpuilende ogen en schubben net boven
de waterlijn. Instinctief denk ik aan een handtas of mijn armband in
krokodillenleer, maar hoe gevaarlijk ze er nu ook uitzien, het is hier dat deze
dieren horen en niet in het uitstalraam van één of ander luxemerk. Hier als
roofdier in hun natuurlijke habitat, voor ons om te bewonderen en om angst in
te boezemen bij hun prooien, in een omgeving waar het recht van de sterkste
telt. Wat er nog in dat water zit is tilapia, de vis waar de Tonga bevolking
vooral op vist. Ook wij krijgen de kans om vanop onze tender in één van die
prachtige inhammen wat vis aan de haak te slaan. Vissen zelf is niet echt aan mij besteed.
Handig met een hengel ben ik niet maar ik ben mee om te genieten van de
omgeving : de savanne die zich voor ons uitstrekt met groen en bomen om voor
schaduw te zorgen. En misschien hebben we wel geluk en zien we iets meer dan
een visje aan de haak. De zon staat recht aan de hemel, als ik in de verte iets
ontwaar. Terwijl de hengels uitgeworpen zijn, de lijnen met aas in het water
liggen en een eerste visje uit het water wordt gehesen, duikt vanuit de bossen een
kudde olifanten van welgeteld zestien stuks op voor ons. Moeders, tantes en
kinderen zijn op stap en vooral op zoek naar verfrissing. Die vinden ze hier
natuurlijk. Olifanten blijven wat grootte betreft, het meest indrukwekkende dier.
Een mastodont waar een roofdier amper vat op heeft, een sociale structuur waar
vrouwen aan de macht zijn en mannen worden verstoten. Met hun lange slurf
slurpen ze het frisse water op. Een volwassen dier heeft, geloof of het of
niet, tweehonderd spieren in die slurf zitten waar ze ook waarempel twintig
liter water in kunnen ophouden. Niet alleen indrukwekkend in grootte dus.
Olifanten zijn planteneters en met die sterke slurf trekken ze ook vruchten en
bladeren van bomen om het knorren van de magen te stillen. Een olifant wordt
gemiddeld vijfenzestig jaar, hoogbejaard voor de dierenwereld. Wij mensen
wisselen één keer ons gebit als we onze melktanden inwisselen voor een
volwassen exemplaar. Ook al eten olifanten vegetarisch en dus ook gezond, ze wisselen
in een leven maar liefst zes maal van tanden. En nog is dat niet genoeg. Immers
als ook het zesde exemplaar dreigt te verslijten, kunnen ze nog enkel malse vegetatie
eten. En als ook dat niet meer lukt, eindigt een hopelijk mooi en een goed geleefd
leven op de savanne.
Het Karibameer stelt tot nu toe absoluut niet teleur.
Wat ook niet teleur stelt, is het Matusadona National Park, dat zich
bevindt op de zuidelijke oever van het meer. Heel wat van de dieren die gered
werden tijdens Operatie Noah, vonden hier een nieuwe thuis. We worden al meteen
verwelkomd door springende impala’s. Ook al lijken ze een hapklaar brokje, net
als elk dier, hoe zwak ze misschien ook lijken om te overleven in de meedogenloze
jungle, beschikken ze over een troef om de vijand te vlug af te zijn : hun fantastisch springvermogen, waarbij ze
menig roofdier verschalken. Dat springen demonstreren ze uitvoerig voor ons.
Sierlijk en elegant gaan eerst de voorste hoeven de lucht in, gevolgd door de
achtersten. In de vluchtfase liggen ze perfect horizontaal met alle poten
gestrekt. Op de olympische Spelen in de discipline gymnastiek verdient dit
onderdeel zonder meer een topscore. Ook al zijn ze misschien de meest elegante
dieren (al is het een nek aan nek race met de giraf), toch zijn we voor meer
gekomen. Nog ééntje van de Big Five zou welgekomen zijn. Mijn liefde voor
Zimbabwe en waarom ik het authentiek Afrika noem, komt vooral tot uiting in de
game drives. Geen walkie talkies, geen radio contact met anderen, het is de
ranger die op basis van zijn kennis, spoorzoeken, geuren, de stand van de wind en dat aangevuld met puur
instinct, op zoek gaat voor ons naar de koning van de jungle. En die vinden we
ook, al reden we er in eerste instantie voorbij. Zo gecamoufleerd liggen ze
langs de kant van de weg. We krijgen er zelfs twee voor de prijs van één. Een
mannetje en een vrouwtje zoeken wat verkoeling in de schaduw van het
struikgewas. Een leeuw behoort tot de katachtigen en ook al is hij een uit de
kluiten gewassen kat, de overeenkomsten met de eenvoudige huiskat liggen zo
voor het grijpen. Eerst en vooral zijn ze redelijk lui. Ze slapen de meeste
uren van de dag (vooral als het warm is) en zijn enkel wakker te krijgen om op
zoek te gaan naar een avondmaal. En zelfs tijdens de jacht (die nota bene
vooral door de vrouwtjes wordt gedaan aangezien deze lichter, wendbaarder én
sneller zijn), mag de inspanning niet al te groot zijn. Er wordt eerst gewikt
en gewogen wanneer een mogelijk prooi in het vizier komt. Een leeuw(in) kan een
sprintje op topsnelheid (zo’n 80km/uur) maar enkele seconden volhouden, dus de
berekening vooraf moet kloppen. Als de kill niet kan gebeuren in dit
tijdsbestek, houdt de leeuw het liever voor bekeken. De leeuw is dan ook een
sprinter, geen langeafstandsloper. De leeuwin mag dan de broek aan hebben in
het huishouden, ze doet ook het gezegde ‘als een leeuwin voor je kinderen
vechten’ alle eer aan. Van alle dieren is ze waarschijnlijk zelfs de meest
toegewijde moeder. Ze beschermt haar cubs als geen en ander en gaat daarin
zelfs ogenschijnlijk ver. Een leeuw is voor een andere roedel de grootste
vijand, vooral dan voor de welpjes die hij zal proberen te vernietigen. Hij
probeert de roedel te infiltreren waarbij de leeuwin de welpjes niet alleen zal
verstoppen, maar ze zal de leeuw ook proberen te verleiden door seks met hem te
hebben. De natuur zorgt er trouwens voor dat het vrouwtje op dat moment niet
zwanger kan worden. Het mannetje zet zijn zoektocht naar de kleintjes dan ook
stil. Immers als een vrouwtje bereid is, betekent dit meestal dat ze geen
jongen heeft.
Het koppeltje leeuwen dat we hier zien zijn duidelijk nog in de
verliefdheidsfase of al op huwelijksreis. Wat het ook is, de liefde is
duidelijk groot. Ze liggen eerst liefdevol naast elkaar nog een siësta te
houden, maar bij het wakker worden zit de leeuw al meteen vol vuur, maar dat is
buiten zijn partner gerekend. Zelfs een liefdevolle blik kan haar niet
overhalen, rust is heilig. Maar de aanhouder wint. Bij een zoveelste poging is
het toch raak. Lang duurt de sessie niet, tien seconden later is het alweer
voorbij. Maar niet voor lang, want een leeuw staat een kwartier later al terug
paraat. En zo gaat het maar door… tot de zwangerschap een feit is. Een
zwangerschap die trouwens slechts vier maanden duurt, kort dus wat de regel is
voor de meeste roofdieren. Toch wel iets om jaloers op te zijn. Dit is National
Geographic op zijn best hier in Matusadona NP. Wat een mooie manier om ons
bezoek af te sluiten.
Maar de dag is nog niet voorbij want Afrika kent de mooiste zonsondergangen
ter wereld. Met een glaasje in de hand, genieten we van de zon die langzaam
zakt tot de schemering en uiteindelijk de nacht hun intrede doen. De verdronken
of versteende bomen die na tientallen jaren nog steeds overeind staan en als
eeuwige wachters waken over het meer, geven een soort magische omkadering
waarbij de zon in de bomen lijkt te zakken.
Magische bomen, een magische meer, maar vooral een magische dag…
Reacties
Een reactie posten