The Palace of Westminster
Order, order, … roept de Speaker of the House of Commons, in een poging de
gemoederen te bedaren. Het Britse parlement is schijnbaar de enige plaats waar
de anders gereserveerde Engelse verkozenen al eens hun ‘stiff upper lip’ kunnen
verliezen. Maar zelfs in de chaos van verhitte debatten, verliezen de
parlementsleden nooit hun beleefdheid, zoals we persoonlijk konden vaststellen,
tientallen jaren geleden.
Tijdens een bezoek aan Londen ergens in de jaren negentig, passeerden we op
een doodgewone weekdag Westminster Palace waarbij we aangesproken werden door
personeelsleden van het parlement met de vraag of we geen interesse hadden in
het bijwonen van de zittingen. Onze vragende gezichten zeiden alles : kan dat
wel, oei wij zijn wel Belgen, moeten we daarvoor tickets hebben? We werden al
snel gerustgesteld : de zittingen van het parlement zijn openbaar (het
basisprincipe van een democratie) en mogen door iedereen bijgewoond worden,
ongeacht nationaliteit, stand of rang. Overtuigd moesten we niet meer worden.
Want we begrepen al snel dat dit een uniek moment kon worden. Zittend op de
ongemakkelijke houten bankjes van het Lagerhuis en iets later van het Hogerhuis
keken we nieuwsgierig toe hoe de debatten zich ontvouwden. Er werd geroepen, er
werd weerwoord gegeven, maar altijd gevolgd of voorafgegaan door ‘I
respectfully disagree’, of ‘Sir’ om dan voluit en in niet mis te verstane
bewoordingen een standpunt te
verduidelijken.
Vandaag de dag zijn niet alleen de zittingen bij te wonen, maar kan je ook
een kijkje nemen achter de schermen als het parlement niet in sessie is. Dat is
in het werkjaar normaal op een zaterdag maar het kan ook opengesteld worden op
andere dagen tijdens vakantieperiodes.
Als je voor het Palace of Westminster staat, kan je al niet naast de
impressionante grootte kijken. Initieel was het ook een echt paleis, want het
werd ooit gebouwd als residentie voor de Engelse koningen in de elfde eeuw. Toch
is er niet veel origineels meer te vinden. Een brand vernietigde al in de
vijftiende eeuw een deel van het paleis dat als de koninklijke vertrekken
fungeerde, maar de ruimtes die dienst deden als parlement bleven wonderwel gespaard.
In 1834 verteerde een nog verwoestender vuur echter zo goed als het volledige
gebouw. Enkel Wesminster Hall, gebouwd in de elfde eeuw, werd gespaard en
diende als basis voor de heropbouw van het paleis. Het is in deze Westminster
Hall dat de tour door Westminster Palace begint. Deze middeleeuwse ruimte werd
in zijn meer dan duizend jaar geschiedenis voor verschillende doeleinden
gebruikt maar diende honderden jaren geleden als de locatie voor het eerste
parlement. Omdat de zaal enorm is, kan die nu nog alle parlementsleden (dat
zijn er meer dan zeshonderd) ontvangen als iemand beide kamers wil toespreken.
Bovendien worden ook buitenlandse gasten hier verwelkomd voor staatsbanketten
of toespraken. Het is ook de plaats waar er recht gesproken werd, met als meest
notoire zaak die tegen koning Charles I wiens veroordeling leidde tot zijn
executie. Ook andere bekende rechtszaken zoals tegen Guy Fawkes en Thomas More
vonden hier plaats.
Westminster Hall staat echter in ons collectief geheugen gegrift als de
plaats waar de voormalige Britse koningin Elizabeth II na haar overlijden, vijf
dagen lang opgebaard lag, haar kist bedekt met de koninklijke standaard, en
waarbij meer dan tweehonderdduizend mensen een laatste groet brachten, waarvoor sommige meer dan vierentwintig uur in
de rij moesten aanschuiven. Het zijn die beelden die de liefde van de Engelsen
voor hun staatshoofd, meer nog dan elk ander gebaar, onderstrepen.
Vanuit Wesminster Hall stappen we St. Stephen’s Hall binnen, gebouwd op de
plaats waar ooit de koninklijke kapel van St. Stephen’s stond. Deze kapel deed
niet alleen dienst als gebedshuis, maar ook als de plaats waar het Lagerhuis
(te vergelijken met onze Kamer van Volksvertegenwoordigers) destijds bijeen
kwam tot de brand van 1834 de kapel in de as legde. Bij de wederopbouw werden
dezelfde vorm en indeling van de kapel behouden inclusief de glas-in-lood
ramen. Toen de kapel nog gebruikt werd als The House of Commons, namen de
parlementsleden plaats in de bestaande koorbanken, die zich langs beide kanten van
de ruimte bevonden en ten opzichte van elkaar. Hieruit stamt het Engelse
gebruik waarbij de oppositie en de regeringspartij recht tegenover elkaar
zitten elkaar in de ogen kijkend. St. Stephen’s Hall schreef ook geschiedenis
want de wet die slavernij afschafte werd hier gestemd. Het was ook de plaats
van een tragedie waarbij de enige Eerste Minister in functie vermoord werd. Die
tragische eer viel de beurt aan Sir Spencer Perceval. Via een paar andere zalen
komen we in de Central Lobby, die letterlijk het geografische hart van het
parlement vorm. Aan de ene kant bevindt zich de Commons’ Chamber, aan de andere
kant de Lords’ Chamber. Als alle deuren open staan, kan je van de ene zaal
recht de andere inkijken. Maar deze ruimte heeft nog een praktische functie.
Het is sowieso de plaats waar de parlementsleden door de pers geïnterviewd
worden, maar ook waar je je eigen vertegenwoordiger kan spreken. De
parlementsleden vertegenwoordigen immers hun plaatselijke kiezers die hier hun
democratisch recht kunnen uitoefenen door een gesprek met hun parlementslid aan
te vragen. Voor we echt aan de beide kamers komen, maken we nog een ommetje
langs de zogenaamde ‘Robing Room’. Het is hier dat het staatshoofd jaarlijks
het plechtstatig gewaad aangemeten krijgt alvorens zich naar de Lords’ Chamber
te begeven om het parlementair jaar te openen. In die Lords’ Chamber waar het Hogerhuis
(te vergelijken met onze Senaat) zetelt, is het eerste wat opvalt de (letterlijk)
schitterende troon waarop de koning/koningin plaatsneemt om de troonrede uit te
spreken met de plannen van de regering voor het komende jaar. Die troon is eigenlijk
uit hout gemaakt maar volledig verguld, met edelstenen versierd en de zitting, bestaande
uit rood fluweel, afgewerkt met goud- en zilverdraad. Niet alleen de troon
bestaat uit goud, maar de hele achterwand lijkt wel een gouden visioen. Recht voor
die troon vind je iets van een andere orde : de zogenaamde ‘woolsack’,
letterlijk een zak gevuld met wol dat uit alle uithoeken van Engeland komt en
waarop de Lord Speaker plaatsneemt om de debatten in het Hogerhuis te leiden. Ik
heb een klein vermoeden dat dit niet al te comfortabel zit, maar die indruk heb
ik ook van de koninklijke troon 😊. De Lords’ Chamber is in
het rood gehuld. Rode banken voor de leden, maar ook de wolzak en de publieke
tribune kleuren bloedrood. Op de banken
opgesteld langs de linkerkant van de Lord Speaker bevinden zich de Lords die in
de oppositie zitten, langs de rechterkant de Lords van de regeringspartij (net
zoals dat ook in het Lagerhuis is). Omdat de Lords en ook de baronessen vooral een
geërfde titel en daarbij horende functie hebben, associëren ze zich niet altijd
met een politiek partij, daarom zijn er ook zitbanken opgesteld in het midden
van de kamer waarop deze ‘neutrale’ leden zitten. Dit zijn de zogenaamde
‘crossbenchers’. De leden van de House of Lords bespreken vooral voorstellen
die van de House of Commons komen of voorstellen die de Lords zelf doen. De
wetgevende macht die bij de Lords ligt, is echter beperkt, aangezien zij geen
verkozen parlementsleden zijn. Ze kunnen hoogstens een wetsvoorstel een jaar
lang vertragen, maar ze kunnen een voorstel nooit definitief blokkeren. De
stemming over wetsvoorstellen en dus de echte macht in het parlement ligt dan
ook bij de verkozen leden van het Lagerhuis (House of Commons). Het is het
epicentrum van de Britse democratie waarbij elk kiesdistrict en dus ook elke
Brit vertegenwoordigd wordt. Lagerhuisleden brengen lokale problemen aan die
hier in een breed forum besproken worden. Het Lagerhuis is ook het geweten van
de regering, die bestaat uit een indrukwekkende honderdtwintig ministers, die
specifieke posities aanhouden binnen de regeringspartij. Het is hun
verantwoordelijkheid de regeringsplannen
om te zetten in wetten. De leden van het Lagerhuis houden een oogje in het
zeil, beoordelen dat werk en houden de regering grondwettelijk verantwoordelijk.
De leden van het Lagerhuis zitten in tegenstelling tot die van het Hogerhuis op
groene banken, maar dat is ongeveer het enige wat er op het eerste zicht
verschilt met het Hogerhuis, ook al ontbreekt de woolsack die hier vervangen werd door een iets comfortabelere
stoel en natuurlijk is hier ook geen koninklijke troon. Ik kijk even omhoog
naar de publieke tribune, waar we al die jaren terug met open mond naar de
verhitte, doch beleefde debatten zaten te luisteren.
Eén van de meest unieke procedures in het Britse parlement is de manier van
stemmen. In onze parlementen gebeurt dat elektronisch waarbij iedereen vanop
zijn zitje op een knop duwt. De uitslag van de stemming verschijnt dan op een
elektronisch bord in het halfrond. De Engelsen houden echter van tradities en
aan sommige wordt met vurigheid vastgehouden. Stemmen in het Hoger- of
Lagerhuis gebeurt in … een gang, de zogenaamde Voting Lobby. Die Lobby is niet
meer dan een gang, twee gangen om correct te zijn want er is de ‘No Lobby’ waar
men heen gaat als men het niet eens is, en daartegenover staat de ‘Aye Lobby’
voor de parlementsleden die akkoord gaan. Waar de rest van de wereld stemt met
de vinger en een druk op de knop, stemt men hier dus eigenlijk met de voeten.
Waarom houden de Engelsen zo vast aan deze traditie? Omdat het op deze manier
meteen duidelijk wordt wie een medestander is en de afwezigen duidelijk in het
andere kamp zitten. Nu een beetje moderne wereld sloop toch al binnen want
uiteindelijk moet elk parlementslid zijn stem via een badge registreren en
vormt dit de definitieve en officiële stemming. Het maakt het tellen er wel net
iets makkelijker op want vroeger werd het aantal parlementsleden handmatig
geteld.
Honderden jaren tradities, honderden jaren geschiedenis. Het Palace of
Westminster is meer dan een paleis. Het is het hart van de Britse democratische
beginselen, het is het paradepaardje van de Engelse tradities, grandeur en
waardigheid. Waar anders vind je een gouden troon in het parlement? Waar anders
zijn de muren versierd met marmeren beelden, gigantische schilderijen en glas-in-lood-ramen?
Waar anders beschikt een parlement over monumentale openhaarden en lijken de kamers
op kapellen en is er een kleedkamer die lijkt op een gouden cocon in een
kasteel?
Dat allemaal onder het goedkeurend klokkengelui van de Big Ben, hét symbool
van het paleis. Alhoewel Big Ben de eigenlijke klok is, wordt de naam algemeen
ook gegeven aan de klokkentoren die eigenlijk Elizabeth Tower heet. Na een
grondige restauratie schittert de klok trouwens zoals nooit tevoren.
Wesminster Palace ligt al duizend jaar statig aan de Thames waar het al die
honderden jaren als symbool geldt voor de Britse staat. De plaats waar al honderden
jaren tradities in ere worden gehouden en ongetwijfeld de Speaker of The House
of Commons, ‘order, order’ zal blijven roepen terwijl dagelijks enkele
gelukkigen de debatten live kunnen meemaken…Als je ooit de kans krijgt, twijfel
dan geen seconde…

Reacties
Een reactie posten